Contact

Vereniging Drentse Boermarken
Drentse Statenlaan 3
9451 GN Rolde 
tel.  0592 241953

info@boermarken.nl

Banknummer:
NL29 RABO 0356 0182 45

meer informatie..

Samenwerking

  • Samenwerking
  • Samenwerking
  • Samenwerking
  • Samenwerking
  • Samenwerking
  • Samenwerking
  • Samenwerking
Algemene Vergadering VDB 30 november 2017
Groningse veehouder Datema bij Vereniging Drentse Boermarken:
“Boeren moeten natuurinclusieve landbouw omarmen”

“Boeren moeten bij het nemen van bedrijfsbeslissingen meer gaan nadenken of de te nemen besluiten goed zijn voor de bodem en het ecosysteem.” Dat stelde Alex Datema  donderdagavond 30 november 2017 in de jaarvergadering van de Drentse Boermarken in Rolde. De veehouder uit het Groninger Briltil vindt dat de wijze waarop boeren in Nederland met landbouw en veeteelt bezig zijn, een nadelige invloed heeft op de biodiversiteit. En niet alleen hij, ook LTO Noord en Wageningen Environmental Research, onderdeel van de Wageningen Universiteit.
Daarom stelde Alex Datema op uitnodiging van de Vereniging Drentse Boermarken de vraag of de akkerbouw en veeteelt op deze wijze verder moeten gaan. In het hol van de leeuw, voor een gehoor van zo’n 140 boeren uit Drenthe zei Datema dat de landbouw een enorme ontwikkeling heeft doorgemaakt, maar dat het nu tijd is om de “natuurinclusieve landbouw” te omarmen. Gezien de wat lauwe reacties uit de zaal moeten de Drentse boeren daar eerst nog eens goed over nadenken, voor zij een volmondig “ja” zullen laten horen.
Datema, voorzitter van BoerenNatuur.nl, is zelf actief met agrarisch natuurbeheer en is voorstander van de natuurinclusieve landbouw, een combinatie van landbouw en natuurbeheer. Hij waarschuwde de boeren dat wanneer de huidige wijze van werken in landbouw en veeteelt doorgaat, de biodiversiteit uiteindelijk verdwijnt. Dat houdt in dat het aantal insecten terugloopt, weidevogels het steeds zwaarder krijgen, het bodemleven verschraalt en planten uitsterven. De huidige manier van bedrijfsvoering is vooral ingegeven door de wil van de consument: kwalitatief goed voedsel, voldoende voedsel en goedkoop voedsel. De boeren spelen daar weliswaar prima op in, maar dat betekent wel dat de Nederlandse landbouw 20 procent voor de eigen bevolking produceert en 80 procent voor de export. En dat laatste zorgt voor een enorme bijdrage aan de nationale betaltingsbalans.
“De wijze waarop deze productie tot stand komt moet flink tegen het licht worden gehouden”, aldus Alex Datema. “Kunnen wij dit volhouden en geeft de maatschappij ons de ruimte en mogelijkheden om zo door te gaan?”
Zelf denkt Datema van niet, omdat de biodiversiteit verdwijnt. Hij is voorstander van een ommezwaai, waarbij veel meer ruimte komt om de natuur bij de landbouw te betrekken. Maar dan niet op een wijze die voor iedere boer gelijk is, maar juist toegesneden op de plek waar de boer zich bevindt. “Flevoland is anders dan Drenthe. Maatregelen die daar genomen moeten worden, zijn anders dan die in Drenthe. Daarom moet iedere boer voor zich gaan kijken wat hij moet gaan doen. Bij bedrijfsbeslissingen moet meer nagedacht worden of het te nemen besluit goed is voor de bodem en het ecosysteem of juist niet. Daarbij moet ook worden gekeken waar de landbouw over tien jaar moet staan. Elke boer moet zelf nadenken waar hij in de toekomst met zijn bedrijfsvoering heen wil”, aldus Datema.
Het natuurbeheer is nu in handen van drie terreinbeherende instanties: Staats Bosbeheer, Natuurmonumenten en de Landschappen. Bij dat beheer is volgens bestuurder Wim Scholten (Sleen) van de Vereniging Drentse Boermarken ook een eenzijdig beheer te zien, met als gevolg een achteruit hollende biodiversiteit. “Een gezamenlijke geïntegreerde aanpak is noodzakelijk, zeker in ons dichtbevolkte land”, zo maakte Scholten de aanwezigen nog eens duidelijk.
Het is de bedoeling dat een denktank met vertegenwoordigers uit achttien organisaties en het bedrijfsleven een “deltaplan biodiversiteit” zal opstellen en gaat aan bieden aan minister Carola Schouten van Landbouw. Een gezamenlijke aanpak zal daarbij voorop staan.
Hoewel bovenstaand onderwerp centraal stond, liet Boermarken-voorzitter Albert Lanting tijdens de bijeenkomst alvast zijn licht schijnen over 2018. Hij stelde zich, net als hij eerder al had gedaan, kritisch op richting nieuwe Flora- en Faunawet. “Wij hebben daartegen geageerd, vooral ook vanwege de overdreven bescherming van predatoren, waardoor onze weidevogels dreigen te verdwijnen”, aldus Lanting. Er komen vanuit de Boermarken steeds meer signalen dat die bescherming ook leidt tot grotere aantallen beschermde soorten als vos, das, kraai en gans, waardoor steeds meer schade ontstaat. De schademeldingen blijven echter achter, mede doordat de schademeldingsprocedure als moeilijk wordt ervaren en het hoge eigen risico van 300 euro. Daarom wil de Vereniging Drentse Boermarken in 2018, samen met LTO-Noord, via kringvergaderingen, proberen daarin verbetering aan te brengen en betere voorlichting te geven.”
Ook ging Lanting in op de acht miljoen euro die Provincie Drenthe en de waterschappen te besteden hadden om milieuverbeteringen te bevorderen. “Wij wilden daarbij een plan ter verbetering van de bij ons in beheer zijnde vul- en spoelplaatsen. Dit plan heeft ernstige vertraging opgelopen, maar we hebben van LTO-Noord gehoord dat er toch op korte termijn met dit project wordt begonnen.”
Lanting maakte verder melding van twee cursussen boerhoornblazen in Hooghalen en Gees, dit om het oude traditionele gebruik niet in de vergetelheid te laten raken.